Amby bezit op haar grondgebied enkele mooie monumentale kasteeltjes en grote hoeven, merendeels reeds gerestaureerd, die het aanschouwen meer dan waard zijn en waarvan de bewoners een bijzondere plaats innamen bij de toen overwegend van de landbouw levende gemeenschap.
 

Hagenhof of Tiendschuur
Het gebouwencomplex aan de Hagenstraat bestaat uit twee gedeelten, het huis en de hoeve. Dit complex uit de achttiende eeuw schijnt niet de oorspronkelijke Tiendschuur te zijn, die lag meer naar het oosten. In een schoorsteen van de hoeve zijn tegels ontdekt uit de twaalfde eeuw en het huis bezit twee schoorsteenmantels eveneens van oudere datum. De witte gebouwen zijn rond een grote binnenplaats gegroepeerd, een van de schuren bevat aan de veldzijde een sluitsteen met het jaartal 1769. In een tiendschuur werden eertijdsde tienden opgeslagen, dat wil zeggen het tiende deel van de opbrengsten in natura, dat als betaling aan de verpachter moest worden afgedragen. 

Tot het einde van de achtiende eeuw was de Tiendschuur een pachthoeve van het kapittel van Sint-Servaas te Maastricht. Begin twintigste eeuw kwamen de gebouwen in het bezit van de familie Regout. Zij verpachtte het huis en de boerderij apart. In 1960 kocht pachter G. Damoiseaux de boerderij. Na stopzetting van zijn bedrijf werd de boerderij en later ook het huis eind jaren 1980 verkocht aan aannemer A.Coppes, die het complex geheel restaureerde en er woningen in onderbracht.

 

 

Kasteel Geusselt
Van dit kasteel is reeds sprake van 1381, toen Jan van den Herte het Land van Geusselt tot leen van Valkenburg verhief. Achtereenvolgens kwam het kasteel in handen van de familie Van Pallant, de paters Augustijnen te Maastricht en Jan Schellart, kannunik van Sint-Servaas. Mr. Carel van Brienen, advocaat te Maastricht en tevens burgemeester en schatheffer van Amby, kwam in 1674 in bezit van Geusselt. Jonkvrouwe Albertina van Brienen huwde in 1816 met Cornelis Cramer. Hun zoon Charles voegde zijn moedersnaam aan de zijne toe, van 1846-1877 was hij burgemeester van Amby. Als maecenas speelde hij een belangrijke rol bij de totstandkoming van de kerk. Naar hem werd ook een straat vernoemd. Na zijn overlijden in 1888 kwam het kasteel in handen van den gebroeders Jurgens, mevrouw Van Oppen-Boots en de weduwe Peperkamp-Van Aelst. 

Bij de gemeentelijke herindeling van 1920 werd het Geusseltgebied toegevoegd aan het grondgebied van de gemeente Maastricht, die het kasteel in 1954 in eigendom kreeg. Het sterk verwaarloosde gebouw werd in 1997 door de Limburgse Monumenten Stichting gerestaureerd.

 


Hoeve Klein Geusselt
Deze hoeve is gelegen aan de Ambyerstraat Zuid, de voormalige Kerstraat. het pand bevat een jaarsteen uit 1863, met de letters FWH en MACW, het jaartal duidt op een verbouwing van het complex. Jan Willem Hermens huwde in 1842 met Maria Catharina Waelen. het echtpaar trok in maart 1862 naar Klein Geusselt in Amby. Bouwsporen hebben aangetoond dat het voorste gedeelte van oudere datum is, naar schatting rond 1840. De familie Hermens verkocht de pachthoeve Klein Geusselt in 1922 aan de familie Van Eys.

 


Heihof of Strijdhagenhof
De Heihof, ook wel Strijdhagenhof genoemd, is een monumentale hoeve gelegen tegen de beboste helling aan het einde van de Bodemsweg, vlakbij de Ambyerheide. De eerste vermelding dateert van 1406, toen de Heihof als leengoed van het Huis Valkenburg bewoond werd door Johan van Arnt van 't Zievel. Deze familie was ook eigenaar van Huize Severen. In 1537 ging de Heihof over in handen van Gerard van Strijdhagenen wordt sindsdien ook wel Strijdhagenhof of Strijdhagensleen genoemd. In de achtiende eeuw kwam de hoeve in bezit van de families Van Slijpe en Hons. Op de binnenplaats wijst de sluitsteen boven de poort, met het jaartal 1743, op een verbouwing. De lange schuur met de karakteristieke speklagen, dat wil zeggen: lagen afwisselend van mergel en bak-steen, werd in de negentiende eeuw gebouwd. Recentelijk is de boerderij voor een groot gedeelte gerestaureerd. 

In een van de stallen bevindt zich een waterput, die oorspronkelijk vijftig meter diep was. Op een diepte van dertig meter had men vanuit de putwand gangen uitgehouwen in de mergel. Over een oppervlakte van honderd vierkante meter werden circa tweehonderd kubieke meter mergelblokken gewonnen. Zij werden waarschijnlijk deels voor de bouw van de schuur gebruikt. De put die thans met beton is afgedekt, werd in 1965 onderzochten opgemeten. In de wanden van de gangen trof men tal van inscripties aan, zoals: W.V.K.1695, Ick en kan niet meer schijten van honger; Nicolaes Mullenners 1755; Thoman Honsheeft bluck gesreve den 17 apriel anno 1755; Hier heft mr Maerten KANNA Gewer(k)t den22 mert 1755; WELLEM KEREKELS; Jaspar Koninckx 1754; Nicolaes x Mullenner, GeretQuax, Peter van Werdt 1754; Gebroecken in den bergh van den heijhoef 80 bloecken, Hen-derijckus Schillings, Joannes Schillings, Michgiel Jansen, Joannes Houben, Sij hebbenalle rijen bij een gebroecken in het jaar 1760, Den 18 Meert zijn wij uitgeschijt; hier heeft gebroken Nicolaes Mulleners en Lijns Vrancken 1756; geloft sij jesus Christus Amen.

 

Huize Severen
De gebouwen, bestaande uit een kasteeltje en een hoeve, behoorden oorspronkelijk toe aan de familie Van 't Zievel, een familie die reeds in 1384 voorkomt. In de middeleeuwen grensde het landgoed Severen aan een uitgebreid bosgebied dat zich uitstrekte van het dorp Limmel tot aan Meerssen en in het westen tot aan de Maas. Het goed omvatte naast landerijen, die zich uitstrekten tot aan de bebouwing langs de Dorpsstraat, ook een brede strook bos die het grondgebied van Amby begrensde. 

Hoe het landgoed aan zijn naam komt is niet geheel duidelijk. Zo zou Severen een verbastering kunnen zijn van 'de zeven bronnen' wijzend op de drassigheid van het gebied en op het in de nabijheid van het landgoed opwellende water. Meer waarschijnlijk lijkt het dat Severen zijn naam dankt aan de familie Van het Zievel, een geslacht dat reeds in 1384 aanzienlijke goederen bezat in Limmel. De Van het Zievels, wier naam in de overgeleverde bronnen onder andere ook gespeld werd als Tsievieren, Tsevere en Sivele, waren leenmannen van de heren van Valkenburg. In 1406 verwierf Jan van Tsievieren een goed gelegen in Amby, de Heihof. Op dat moment was hij al in het bezit van diverse beboste terreinen gelegen op het grondgebied van Amby. Het is vrijwel zeker dat de familie op haar bezittingen in Amby een huis of een versterkte hoeve liet bouwen dat de familienaam droeg. Een duidelijke aanwijzing in die richting is het feit dat de heraut van de wapenen van Gelr, een ambtenaar aan het hof belast met het toezicht op het voeren van familiewapens, in de loop van de veertiende eeuw een wapen toekende aan een 'Her Gosen van Severen', dat identiek was aan dat van de familie Van het Zievel. Een eeuw later blijkt Severen, waarschijnlijk door vererving, in het bezit te zijn gekomen van de familie Van Strijdhagen. Van deze familie is bekend dat ze in 1537 de Heihof aan haar bezittingen toevoegde, hetgeen de vermoedelijke familiebanden met de Van het Zievels lijkt te bevestigen. 

In de zestiende eeuw was Severen in het bezit van de familie Strijdhagen, die verwant was met de familie Van 't Zievel. In de zeventiende eeuw kwam het in bezit van de familie Pain et Vin en naderhand van de familie Van Slijpe. Zij verkocht het complex in 1879 aan de familie Stevens, die het in 1912 verkocht aan de Zusters van Barmhartigheid te Maastricht. Deze zusters, ook wel Zusters van Severen genoemd, stichtten in het herenhuis de voogdijstichting Sint Vincentius à Paolo. In de loop der jaren bouwden zij er enkele gebouwen bij, zoals de kapel in 1918, een school en een noviciaat. Bij de herinrichting van het terrein werden deze bijgebouwen afgebroken. De huidige eigenaar, Woningstichting Maasvallei, betrok in de loop van 1998 tevens enkele gerestaureerde bijgebouwen. Ook is er op dit complex veel nieuwbouw gekomen. Huize Severen, met zijn nieuwbouw heet nu Park-Residentie-Severen.  

 
 


Hoeve Severen
De aan de Westrand gelegen boerenhoeve is van een andere eigenaar. Het markante poortgebouw met torentje stamt uit 1647. Vanaf de huidige Westrand gaf een voor het binnenrijden van een oogstkar geschikte toegangspoort, met bovenliggende schuur en bekroond met een sierlijk gekrulde topgevel, toegang tot de binnenplaats, waar zich onder andere de mestvaalt bevond. Zoals bij de meeste boerderijen van dit type bevond het woongedeelte zich links van de binnenplaats, de schuren en stallen rechts en aan de achterzijde. Het geheel was uit baksteen opgetrokken, witgepleisterd en afgedekt met schild- en zadeldaken. De toegangspoort, evenals de deuren en vensters, werden omlijst met geblokte hardstenen penanten.De sluitsteen in de toegangspoort vermeldt het jaartal 1647. Het is mogelijk dat in dat jaar de laatste fase van verstening van de daarvoor in vakwerk uitgevoerde buitenmuren heeft plaats gevonden. De hoge schuur van de hoeve maakte onderdeel uit van de restauratie en werd verbouwd tot kantoor van de woningstichting.

 


Ravenhof (Huis van Jonker Raef) of Scheversteinhof
In het hoofdstuk belegeringen komt Ravenhof of Scheversteinhof herhaalde malen voor. Het kasteel was een riddergoed, dat de bezitter recht gaf toegelaten te worden tot de ridderschap van het Land van Valkenburg, waar-onder Amby ressorteerde. Wanneer het kasteel is gebouw, heeft men niet kunnen achterhalen. Wel is bekend, dat Jan Rave van Amby in 1570 tot de ridderschap werd toegelaten. De laatste eigenaar in deze familie, Jean Alexander Rave, stierf in 1703 zonder nakomelingen. Daarna kwam het kasteel in bezit van de familie Mewen, die het tot 1822 bewoonde. In dat jaar huwde Pauline de Billeh-Valensart, wier moeder de laatste afstammeling was van de familie Mewen, met Vicomte Charles Vilain XIV. Ravenhof werd in 1850 afgebroken. 

Aan de Ambyerstraat Zuid ligt thans het huis Ravecamp. Dit complex werd rond 1900 gebouwd door H. Hermens, broer van de burgemeester van Amby. De gebouwen liggen circa honderd meter oostelijker dan het kasteel Ravenhof, maar de naam legt wel een relatie met het verleden.

 

 

Hoeve Waterrijk
De witte gebouwen aan deze herenhoeve liggen aan een naar de straatkant open binnenplaats aan de Ambyerstraat Noord. De lange gevels van de hoeve werden gebouwd in 1737, hetgeen duidelijk zichtbaar is door de muurankers in de zuidgevel. De kopgevels bevatten echter gedeelten, die van oudere datum zijn. De middenvleugel, aan de binnenplaats, heeft een neo-classicistische gevel van twee verdiepingen. De oude schuur aan de noordkant werd gebouwd met enkelvoudige speklagenbaksteen en mergel; boven de poort is een jaarsteen aangebracht met het jaartal 1832.In het huis bevindt zich een balustrade uit de achtiende eeuw, die gemaakt is van de communiebank uit het oude kerkje van Amby.

 


Withuishof
Deze achtiende eeuwse hoeve aan de Bergerstraat, gebouwd als buitenplaats, behoorde aan de familie Sleypen. Marie Anne Sibille Sleypen trouwde in 1792 met Jacques Martin Schoenmaeckers. Het pand bleef in handen van deze familie tot 1925 toen de Withuishof werd verkocht aan de Zusters Ursulinen te Maastricht. Later werd het complex weer tot woonhuis ingericht. De gebouwen zijn rond een binnenplaats gebouwd en aan de westzijde is een tuin aangelegd in Engelse stijl. Boven de poorten aan de binnenplaats bevinden zich sluitstenen met het jaartal 1901. Dit jaartal slaat vermoedelijk op de modernisering van het gebouw door de bouw van de neo-classisistische middengevel.

 


Gravenhof
Deze herenhoeve, inmiddels geheel omgeven door nieuwbouw van het plan Gravenhof, is genoemd naar de familie Graven, die de hoeve in de achtiende eeuw bezat. De inrijpoort bevat een sluitsteen met het wapen van de familie, gedateerd in de eerste helft van de achtiende eeuw. Aan de westzijde bevindt zich een tweede poort van wit gekalkte baksteen. Boven de doorgang bevindt zich een in vakwerk gebouwde duiventilen in de tuin staat een Bacchusbeeld, afkomstig van Huize Severen. De Gravenhof is reeds lang in bezit van de familie Hermens, waarvan M. Hermens burgemeester van Amby was van 1917-1945.